Wat is NEN 1010?
NEN 1010 is de norm waarin staat hoe een elektrische laagspanningsinstallatie veilig wordt ontworpen, aangelegd en geverifieerd. Voor bedrijven is het de basis onder elke nieuwe installatie, elke uitbreiding en elke opleverinspectie.
In het kort
- NEN 1010 bevat de veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties tot 1000 V wisselspanning en 1500 V gelijkspanning.
- De norm geldt bij ontwerp, aanleg en wijziging; voor het veilig beheren van een installatie in gebruik is NEN 3140 het uitgangspunt.
- De actuele uitgave is NEN 1010:2020+C1:2024. Welke uitgave wettelijk verplicht is, bepaalt de Omgevingsregeling.
Waar gaat NEN 1010 over?
NEN 1010 bevat de veiligheidsbepalingen voor elektrische laagspanningsinstallaties: installaties met een nominale spanning tot 1000 V wisselspanning of 1500 V gelijkspanning. Dat omvat vrijwel alles wat u in een kantoor, bedrijfshal, winkel of zorginstelling tegenkomt, van de hoofdverdeelinrichting en de eindgroepen tot laadpalen, zonnepanelen en de installatie op een bouwterrein.
Het doel van de norm is mensen, huisdieren en goederen te beschermen tegen de gevaren van elektriciteit: elektrische schok, brand door oververhitting of vlambogen, en schade door overspanning. NEN 1010 schrijft daarvoor geen merken of producten voor, maar beschermingsprincipes en eisen waar het ontwerp en de aanleg aan moeten voldoen.
De norm is gebaseerd op de internationale normenreeks IEC 60364 en de Europese harmonisatiedocumenten (HD 60364). Waar Nederland afwijkt of aanvult, staat dat in de Nederlandse tekst. NEN 1010 wordt beheerd door normcommissie NEC 64 van NEN.
Hoe is de norm opgebouwd?
NEN 1010 volgt de indeling van IEC 60364 en bestaat uit acht delen. Voor wie een inspectierapport leest, is het handig te weten waar een verwijzing als "deel 4-41" of "deel 7-722" over gaat.
| Deel | Onderwerp |
|---|---|
| 1 | Toepassingsgebied, doel en fundamentele principes |
| 2 | Termen en definities |
| 3 | Vaststelling van algemene kenmerken (o.a. aardingsstelsels, voeding) |
| 4 | Beschermingsmaatregelen: tegen elektrische schok (4-41), thermische effecten (4-42), overstroom (4-43) en spannings- en elektromagnetische storingen (4-44) |
| 5 | Keuze en installatie van elektrisch materieel: leidingsystemen, schakel- en beveiligingstoestellen, aarding, veiligheidsinstallaties |
| 6 | Verificatie: de inspectie en beproeving bij oplevering en na wijziging |
| 7 | Bijzondere installaties en ruimten, zoals bouwterreinen (7-704), medisch gebruikte ruimten (7-710), tentoonstellingen (7-711), zonnestroomsystemen (7-712), laadpunten voor elektrische voertuigen (7-722) en kermissen (7-740) |
| 8 | Aanvullende eisen voor efficiënter energiegebruik, lokale opwekking en opslag (verschenen als afzonderlijke uitgave NEN 1010-8) |
Deel 7 is voor bedrijven vaak het interessantste deel: de eisen daarin vullen de algemene delen aan of vervangen ze voor een specifieke situatie. Op de pagina inspecties leest u per toepassing waar de inspecteur op let.
Welke uitgave is actueel?
De actuele uitgave is NEN 1010:2020+C1:2024, gepubliceerd in juli 2024. Dat is NEN 1010:2020 met het correctieblad C1 in de tekst verwerkt. Wijzigingen ten opzichte van de 2020-tekst betreffen onder meer roze als kleur voor geleiders voor functionele aarding (in plaats van zwart-geel), aderkleuren voor gelijkstroominstallaties zoals zonnestroom en batterijen, en een betere aansluiting van de brandveiligheidseisen op het Besluit bouwwerken leefomgeving. In het artikel NEN 1010:2020+C1:2024: wat is er gewijzigd zetten we de wijzigingen op een rij.
Daarnaast verscheen op 1 februari 2026 NEN 1010-8:2026, de nieuwe uitgave van deel 8 over energie-efficiëntie, die NEN 1010-8:2021 vervangt.
Let op "Actueel" is niet hetzelfde als "wettelijk aangewezen". Welke uitgave van NEN 1010 op grond van het Bbl verplicht is, staat in de Omgevingsregeling. De aanwijzing van NEN 1010:2020+C1:2024 is meerdere keren uitgesteld. Stand 30 oktober 2026 wijst bijlage II van de Omgevingsregeling voor nieuwbouw nog steeds NEN 1010:2015+C2:2016+A1:2020 aan. Volg de normupdates voor de actuele stand.
Wanneer geldt NEN 1010?
NEN 1010 is een aanlegnorm. De norm geldt op het moment dat een installatie wordt ontworpen en aangelegd, en opnieuw voor elk deel dat wordt gewijzigd of uitgebreid. Een installatie die in 2012 correct volgens de toen geldende uitgave is aangelegd, hoeft niet te worden omgebouwd omdat er een nieuwe uitgave verschijnt. Wordt diezelfde installatie uitgebreid met een laadplein of zonnepanelen, dan moet het nieuwe deel wel voldoen aan de uitgave die op dat moment van toepassing is, en mag de uitbreiding de veiligheid van het bestaande deel niet aantasten.
Zodra een installatie in gebruik is, verschuift het zwaartepunt naar het veilig beheren ervan. Daarvoor is NEN 3140 het uitgangspunt: wie is verantwoordelijk, hoe vaak wordt geïnspecteerd en hoe wordt veilig gewerkt. Het verschil leggen we uit op NEN 1010 of NEN 3140?.
Is NEN 1010 wettelijk verplicht?
Een NEN-norm is op zichzelf geen wet. NEN 1010 krijgt een wettelijke status doordat het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) voor elektrische installaties in bouwwerken naar de norm verwijst, en de Omgevingsregeling aanwijst welke uitgave geldt. Voor nieuwbouw is voldoen aan de aangewezen uitgave daarmee verplicht. Volgens artikel 5.40 van de Omgevingsregeling gelden daarbij alleen de onderdelen van NEN 1010 die technische voorschriften uit oogpunt van veiligheid bevatten. Ook buiten het bouwrecht speelt de norm een rol: het Arbobesluit eist dat elektrische installaties op de arbeidsplaats veilig zijn, en verzekeraars en rechters gebruiken NEN 1010 als maatstaf voor wat "veilig" en "volgens de stand der techniek" is. Meer hierover op wet- en regelgeving.
Omdat het Bbl naar NEN 1010 verwijst, kunt u de norm sinds 17 november 2025 kosteloos online inzien via NEN Connect (na gratis registratie, alleen lezen in de browser). Wie er dagelijks mee werkt, kiest meestal voor een (betaalde) eigen uitgave of een abonnement.
Wat betekent NEN 1010 voor uw bedrijf?
Als eigenaar of gebruiker van een bedrijfspand hoeft u de norm niet zelf te kunnen toepassen; dat is het werk van de installateur en de inspecteur. Wel bent u verantwoordelijk voor wat u laat aanleggen en voor wat u in gebruik neemt. In de praktijk komt het neer op drie dingen:
- Laat bij oplevering aantonen dat de installatie voldoet. De installateur verifieert zijn werk volgens NEN 1010 deel 6. Vraag het meetrapport en de tekeningen op, of laat een opleverinspectie uitvoeren.
- Zorg dat wijzigingen worden gedocumenteerd. Een installatie zonder actuele tekeningen en schema's is lastig te beheren en te inspecteren.
- Regel het beheer daarna volgens NEN 3140, met een installatieverantwoordelijke en een periodieke inspectie op basis van een risicobeoordeling.