Inspecties
Periodieke inspectie van elektrische installaties
Norm NEN 3140:2011+A3:2019, Arbobesluit artikel 3.4
Een elektrische installatie die eenmaal is opgeleverd, veroudert. Verbindingen worden los, kabels worden overbelast door uitbreidingen, aardlekschakelaars reageren trager en er worden aanpassingen gedaan die niet op tekening staan. De periodieke inspectie stelt vast of een bestaande installatie nog veilig is. In Nederland gebeurt dat voor installaties op de arbeidsplaats in de regel volgens NEN 3140.
Waarom NEN 3140 en niet NEN 1010?
NEN 1010 bevat de eisen voor ontwerp en aanleg, en de verificatie bij oplevering of wijziging (zie opleverinspectie). NEN 3140 gaat over de bedrijfsvoering van bestaande laagspanningsinstallaties: wie verantwoordelijk is, hoe veilig wordt gewerkt en hoe de installatie in goede staat wordt gehouden. Periodieke inspectie is daar een onderdeel van. Het verschil leest u uitgebreider op NEN 1010 of NEN 3140.
Bij de inspectie wordt wel getoetst aan de eisen die golden toen de installatie werd aangelegd. Een installatie uit de jaren negentig hoeft dus niet aan de huidige NEN 1010 te voldoen, tenzij zij sindsdien is gewijzigd of er sprake is van een onaanvaardbaar risico.
De relatie met het Arbobesluit
Artikel 3.4 van het Arbobesluit verplicht werkgevers om elektrische installaties zo te ontwerpen, aan te leggen en te onderhouden dat veilig gebruik van elektriciteit zo goed mogelijk is gewaarborgd. Het artikel noemt geen inspectiefrequentie. NEN 3140 wordt in de praktijk gebruikt om aan te tonen dat aan deze verplichting wordt voldaan; een actueel inspectierapport is bij een controle door de Nederlandse Arbeidsinspectie een gebruikelijk bewijsstuk. Zie ook wet- en regelgeving.
Hoe wordt de inspectietermijn bepaald?
Er bestaat geen vaste wettelijke termijn voor periodieke inspectie. De frequentie volgt uit een risicobeoordeling, die de installatieverantwoordelijke opstelt of laat opstellen. Factoren die meewegen:
| Factor | Effect op de termijn |
|---|---|
| Omgeving (vocht, stof, temperatuur, trillingen) | Zwaardere omstandigheden vragen om kortere termijnen |
| Gebruik en belasting | Installaties die zwaar of continu belast worden, verouderen sneller |
| Wijzigingsfrequentie | Veel aanpassingen vergroten de kans op fouten |
| Resultaten vorige inspectie | Veel of ernstige gebreken zijn een reden om eerder terug te komen |
| Aanwezigheid van personen en brandrisico | Publieksfuncties en brandgevoelige processen vragen extra aandacht |
| Eisen van de verzekeraar | De polis kan een eigen termijn voorschrijven |
Een droge, schone kantoorinstallatie kan dus een langere termijn rechtvaardigen dan een installatie in een stal, werkplaats of koelcel. Leg de onderbouwing vast, zodat u bij vragen kunt laten zien waarom voor een bepaalde termijn is gekozen.
Let op periodieke inspectie van vaste installaties staat los van de controle van elektrische arbeidsmiddelen, zoals handgereedschap en verlengsnoeren. Die worden ook volgens NEN 3140 gecontroleerd, maar meestal met een eigen, vaak kortere frequentie.
Wat wordt er gecontroleerd?
Een periodieke inspectie bestaat uit een visuele inspectie, metingen en beproevingen. Het rapport beschrijft de gevonden gebreken en hun ernst.
Bij de visuele inspectie kijkt de inspecteur naar de staat van verdeelinrichtingen, beschadigde kabels en leidingen, ontbrekende afdekkingen, aanduidingen, de bereikbaarheid van schakelaars en de overeenstemming met de tekeningen. De metingen omvatten in de regel continuïteit van beschermingsleidingen, isolatieweerstand, de werking van aardlekschakelaars en de impedantie van de foutlus, op basis van een steekproef of per groep. Thermografie wordt vaak toegevoegd om warme verbindingen op te sporen, al is dat geen vast onderdeel van elke NEN 3140-inspectie.
Rapport en herstel
Het inspectierapport is pas waardevol als de gebreken worden opgelost. Gebreken die direct gevaar opleveren, moeten meteen worden aangepakt; andere gebreken worden ingepland. Leg vast wie wat herstelt en wanneer, en laat het herstel controleren en registreren.
De verantwoordelijkheid voor dit hele proces ligt bij de werkgever, die dit in de praktijk vaak belegt bij een installatieverantwoordelijke. Houd ook rekening met de herziening van NEN 3140: het ontwerp van NEN 3140:2026 lag in 2026 ter commentaar, maar de definitieve publicatie is nog niet bekend. Tot die tijd blijft NEN 3140:2011+A3:2019 de geldende uitgave.
Veelgestelde vragen
Hoe vaak moet een elektrische installatie periodiek worden geïnspecteerd?
Er is geen vaste wettelijke termijn. De werkgever bepaalt de frequentie op basis van een risicobeoordeling, waarin onder meer de omgeving, het gebruik, de staat van de installatie en eerdere bevindingen meewegen. Een verzekeraar kan in de polis aanvullend een eigen termijn voorschrijven.
Is een NEN 3140-inspectie hetzelfde als een NEN 1010-keuring?
Niet precies. NEN 1010 beschrijft de eisen voor aanleg en de verificatie bij oplevering; NEN 3140 gaat over de veilige bedrijfsvoering van bestaande installaties, waaronder periodieke inspectie. In het spraakgebruik wordt 'NEN 1010-keuring' vaak voor beide gebruikt, maar bij een bestaande installatie wordt in de regel volgens NEN 3140 geïnspecteerd.
Moet de installatie in bedrijf blijven tijdens de inspectie?
Een groot deel van de visuele inspectie en thermografie gebeurt onder spanning en onder belasting. Voor sommige metingen, zoals isolatieweerstand, moet een groep spanningsloos worden gemaakt. Een goede planning met de installatieverantwoordelijke voorkomt onnodige stilstand.